Tijd voor tijd

Ik kijk op mijn horloge (ja, zo’n ding gebruik ik nog) en zie dat het al tien over acht is. Neeltje is aan het spelen en wil daar nog niet mee ophouden. Opgefokt graai ik snel een banaan en een mandarijn bij elkaar terwijl ik roep dat ze nu echt haar schoenen moet gaan aantrekken omdat we anders te laat op school komen. Ze speelt rustig verder terwijl ze zegt: “Ik kom zo. Nog even dit afmaken.” (waar heb ik dat eerder gehoord? – oh ja, dat zeg ik zelf regelmatig…). Na nog enkele keren aandringen en met uitgebreide hulp van mij omdat het me allemaal te lang duurt heeft ze haar jas en schoenen aan. We nemen de lift naar beneden, want in haar tempo de trap af gaat uren duren. Gehaast pak ik de fiets uit de schuur en mik ik Neeltje achterop. He he, we kunnen gaan. Ik sjees naar school, onderweg van binnen vloekend op het verkeerslicht dat net voor mijn neus op rood springt. Neeltje die achterop zit vertelt van alles, maar het dringt niet goed tot me door. Ik moet op het verkeer letten. Net op tijd komen we aan op school. Vlug haar jas en tas ophangen en dan naar binnen. Ik loop snel weer naar buiten en pas al fietsend kom ik wat tot rust. Het valt wel, maar niet mee, zou mijn broer gezegd hebben…

’s Middags doen we samen boodschappen. Geduldig wacht ik tot ze zelf haar schoenen en jas heeft aangedaan. Ik help alleen met de ritsen omdat ze dat zelf nog niet kan (volgende keer toch maar schoenen met klittenband kopen). Ik neem de tijd om samen met haar te controleren of we alles bij ons hebben wat we nodig hebben. Portemonnee: check, boodschappenlijst: check, ieder ons eigen boodschappentas: check, muntje voor het winkelwagentje: check. In haar tempo nemen we de trap naar beneden en lopen we naar het winkelcentrum. Onderweg kijken we op ons gemak naar de vogels en lopen om zodat ze over ‘het heuveltje’ kan lopen. In de supermarkt lopen we stuk voor stuk de boodschappen op de lijst langs: “Neeltje, weet jij waar de eieren staan?” vraag ik. Ze antwoord van niet. “Wil je me helpen met zoeken?” vervolg ik. Dat wil ze wel en pad na pad struinen we af tot we eindelijk de eieren hebben gevonden. Neeltje slaakt een kreet van blijdschap. Het tempo is zo laag dat ik uitgebreid de tijd heb om te genieten van de aanblik van mijn kleine speurneus. Nadat ze de kassa’s heeft gevonden legt ze alle boodschappen op de lopende band en reken ik af. Op de terugweg valt haar oog op de extreem foute seventies-attractie-paddenstoel die buiten voor de schoenmaker staat. Ze wil er graag in en ik stem toe. Na een minuut of vijf is ze klaar en kunnen we weer verder. Al babbelend lopen we via ‘het heuveltje’ terug naar huis. Het is gaan regenen, maar ik heb geen haast. En van een beetje regen is nog nooit iemand gesmolten. Bij de grote weg kijkt Neeltje of we veilig kunnen oversteken. In de verte komt een auto aan. We zouden er makkelijk voorlangs kunnen, maar ze wacht tot hij voorbij is en er geen auto meer in zicht is. Vijf boodschappen en dito kwartier later zijn we eindelijk weer thuis. Helemaal zen pak ik in de keuken de boodschappen uit terwijl Neeltje ondertussen een spelletje op de tablet doet totdat ik klaar ben. Het valt wel, en is nog ontzettend leuk ook…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s